De vrije liefde is niet langer shockerend maar stemt weemoedig. 
Hij is ruwer dan de bleekneuzerige, dikbebrilde schrijvers uit Sals vriendenkring in New York. Blond, gebruind, bonkiger - een man die meer ervaart dan praat. Maar er is één ding dat deze Dean Moriarty echt onweerstaanbaar maakt: de twinkeling in zijn ogen die avontuur belooft.
Dean Moriarty is een legendarisch personage uit een legendarische roman: in Jack Kerouacs semi-autobiografische On the Road is deze ex-gevangene de motor die het verhaal voortstuwt - hij is de reden dat Sal/Kerouac durft te kiezen voor een leven 'on the road'. Dean is de sirene die hem lokt, het type man waardoor hij zich laat meesleuren tegen beter weten in, zo verslavend als drugs.
Precies zo iemand wist regisseur Walter Salles te vinden voor zijn verfilming van de cultroman. Garrett Hedlund geeft Deans charisma een gevaarlijk randje - zijn tomeloze energie is jaloersmakend, maar het kan net zo goed een eerste teken zijn van sluimerende gekte, die wordt gevoed met drugs, drank en opgefokte jazz.
Dat had Salles knap gezien in de acteur, die vooral opdook in fantasy-blockbusters als Tron: Legacy, Troy en Eragon. En eigenlijk is de casting van al die legendarische figuren die On the Road bevolken steeds verrassend en treffend tegelijk, met ruimte voor jong talent (Sam Riley, Kristen Stewart) en gevestigde namen (Viggo Mortensen, Kirsten Dunst).
Zelfverzekerde keuzen zijn het wel. En het kan ook niet anders: On the Road is allang geen gewoon boek meer, maar de stem van de beatgeneratie, de stuurloze jongeren uit het Amerika van de jaren vijftig. Wie zich niet laat meevoeren door scenarist José Rivera en Walter Salles - eerder samen verantwoordelijk voor de verfilming van het iconische The Motorcycle Diaries- en strak vasthoudt aan de letter van het boek, kan het best moeilijk krijgen, ook bijvoorbeeld met de versimpeling van Keroaucs teksten in de voice-overs.
Maar daar staat tegenover dat de film fijn speelt met de vage grens tussen fantasie en autobiografie - net als Keroauc in zijn boek deed - en Salles op de beste momenten die manische energie van het boek visueel weet te vangen. On the Road leest als een stream of consciousness, die voortgestuwd wordt door een innerlijke logica. De film is een aaneenschakeling van snelle autoritten en vertraagde benzadrinetrips, duizelingwekkende danspartijen en rustige dialogen. Roadmovie-expert Salles imponeert weer met zijn prachtige landschappen en decors. Dag en nacht, sneeuw en hitte, stoffige provinciestadjes en New York, dagen, maanden, jaren verglijden in elkaar, dan weer voortgestuwd door jazz van de soundtrack, dan weer verstild.
Jaren moesten de fans wachten op een verfilming van de cultroman en eigenlijk geeft die verstreken tijd On the Road een mooie extra dimensie. In het tijdperk van aids, longkanker en ontlezing is de vrije liefde omringd door volle asbakken en rondslingerende romans van Proust en Woolf niet langer shockerend, maar stemt weemoedig. Ach, die tijd dat het enige gevaar van liften nog was dat er niet genoeg auto's waren en benzinediefstal een kwajongensstreek was.
Het versterkt het tragische in Kerouacs verhaal: de bitterzoete ondertoon over verloren vriendschappen, dromen en vergeefse zoektocht naar zingeving en geluk.
Dean Moriarty is een legendarisch personage uit een legendarische roman: in Jack Kerouacs semi-autobiografische On the Road is deze ex-gevangene de motor die het verhaal voortstuwt - hij is de reden dat Sal/Kerouac durft te kiezen voor een leven 'on the road'. Dean is de sirene die hem lokt, het type man waardoor hij zich laat meesleuren tegen beter weten in, zo verslavend als drugs.
Precies zo iemand wist regisseur Walter Salles te vinden voor zijn verfilming van de cultroman. Garrett Hedlund geeft Deans charisma een gevaarlijk randje - zijn tomeloze energie is jaloersmakend, maar het kan net zo goed een eerste teken zijn van sluimerende gekte, die wordt gevoed met drugs, drank en opgefokte jazz.
Dat had Salles knap gezien in de acteur, die vooral opdook in fantasy-blockbusters als Tron: Legacy, Troy en Eragon. En eigenlijk is de casting van al die legendarische figuren die On the Road bevolken steeds verrassend en treffend tegelijk, met ruimte voor jong talent (Sam Riley, Kristen Stewart) en gevestigde namen (Viggo Mortensen, Kirsten Dunst).
Zelfverzekerde keuzen zijn het wel. En het kan ook niet anders: On the Road is allang geen gewoon boek meer, maar de stem van de beatgeneratie, de stuurloze jongeren uit het Amerika van de jaren vijftig. Wie zich niet laat meevoeren door scenarist José Rivera en Walter Salles - eerder samen verantwoordelijk voor de verfilming van het iconische The Motorcycle Diaries- en strak vasthoudt aan de letter van het boek, kan het best moeilijk krijgen, ook bijvoorbeeld met de versimpeling van Keroaucs teksten in de voice-overs.
Maar daar staat tegenover dat de film fijn speelt met de vage grens tussen fantasie en autobiografie - net als Keroauc in zijn boek deed - en Salles op de beste momenten die manische energie van het boek visueel weet te vangen. On the Road leest als een stream of consciousness, die voortgestuwd wordt door een innerlijke logica. De film is een aaneenschakeling van snelle autoritten en vertraagde benzadrinetrips, duizelingwekkende danspartijen en rustige dialogen. Roadmovie-expert Salles imponeert weer met zijn prachtige landschappen en decors. Dag en nacht, sneeuw en hitte, stoffige provinciestadjes en New York, dagen, maanden, jaren verglijden in elkaar, dan weer voortgestuwd door jazz van de soundtrack, dan weer verstild.
Jaren moesten de fans wachten op een verfilming van de cultroman en eigenlijk geeft die verstreken tijd On the Road een mooie extra dimensie. In het tijdperk van aids, longkanker en ontlezing is de vrije liefde omringd door volle asbakken en rondslingerende romans van Proust en Woolf niet langer shockerend, maar stemt weemoedig. Ach, die tijd dat het enige gevaar van liften nog was dat er niet genoeg auto's waren en benzinediefstal een kwajongensstreek was.
Het versterkt het tragische in Kerouacs verhaal: de bitterzoete ondertoon over verloren vriendschappen, dromen en vergeefse zoektocht naar zingeving en geluk.
(Recensie door FLOORTJE SMIT, gepubliceerd op 24-05-2012)
On the Road
Geplaatst door Kaj van Zoelen op 23-05-2012 22:38 - Bron: FilmTotaal
In 1951 schreef Jack Kerouac het manuscript van On The Road in drie weken tijd op één lange papierrol, op basis van zijn eigen reizen van 1947 tot 1951. Pas in 1957 werd een aangepaste versie uitgebracht, waarin de namen van de echte reisgenoten waren vervangen door fictieve. Het boek werd veelal verguisd door de literaire elite, maar kreeg een cultstatus en werd het definiërende werk van de beatgeneration. Later was het van grote invloed op muzikanten als Bob Dylan, Tom Waits en Kurt Cobain, en filmmakers als Dennis Hopper en Wim Wenders. In 1968 kocht Francis Ford Coppola al de rechten voor de verfilming, die dan nu eindelijk is gemaakt en waarin de thematiek bewaard is gebleven.
De uiteindelijke regisseur van de film is de Braziliaan Walter Salles die doorbrak met Central do Brasil, maar pas echt bekend werd met The Motorcycle Diaries, zijn roadmovie over de jonge jaren van revolutionair Ernesto ‘Ché’ Guevara. In 2004 werd hij al voor de film benaderd, maar hij wilde eerst alle reizen van Kerouac (Sal Paradise in het boek en de film) in On The Road zelf nagaan en daar een documentaire over maken. Daarna kon hij aan de speelfilm beginnen. Hij baseerde zich voornamelijk op het oorspronkelijke manuscript uit 1951, maar hanteerde wel de fictieve namen uit de versie die de meeste mensen die het boek lazen zullen kennen.
Walles' trip deed meteen dienst als scouting voor de fantastische locaties waar gefilmd werd. Deze geven de reizen die Sal Paradise maakte met de waanzinnige Dean Moriarty authenticiteit. Van het New York van eind jaren veertig tot Louisiana, Californië of Mexico Stad, afhankelijk van wanneer we ons in de film beginnen, Salles doet altijd zijn best de kijker de omgeving te laten zien en voelen en slaagt daar behoorlijk in. De muziek, vooral bestaande uit bebopjazz, zet ondertussen de toon van rusteloosheid die past bij dit voortdurende rijden en lopen zonder werkelijke bestemming.
Het eigenlijke doel van het reizen is het leven ervaren, zoals ook de drugs, drank en seks voor Sal en Dean poorten tot 'leven' zijn. Salles brengt dit idee goed over, maar werkt daarbij wel de rollen van de verschillende vrouwen meer uit dan in het boek om de destructie en pijn die Dean achterlaat duidelijk te maken. Garrett Hedlund geeft mooi gestalte aan Deans manie én oneindige charisma die iedereen blijven aantrekken terwijl Kristen Stewart als Marylou, één van zijn geliefden, eens te meer bewijst dat zij een veel beter en veelzijdiger actrice is dan de Twilight-films doen vermoeden.
Het lukt Walter Salles en co niet geheel om het hectische bebopritme van Kerouacs schrijven naar film te vertalen. De diepere context voor sommige scènes ontbreekt, maar de regisseur komt aardig in de buurt met de vele korte scènes – die het gebrek aan rust van de personages reflecteren – en het dynamische camerawerk van Eric Gautier. Af en toe leunt Salles iets te veel op de originele tekst waarvan we stukjes te horen krijgen in Sals voice-over, hoewel er natuurlijk passages zijn waar je niet omheen kunt en waar de liefhebbers van het boek erg blij mee zullen zijn.
Het heeft bijna zestig jaar geduurd, maar Salles' liefde voor het literaire meesterwerk van Kerouac levert een goede filmbewerking op. Toepasselijk springerig en energiek, sexy en met gevoel voor humor wordt de kijker kriskras door de Verenigde Staten gevoerd op een reis vol vreemde figuren en aparte situaties. Het eindresultaat is een geslaagd portret van de beatgeneration en diens coryfeeën. Allen Ginsberg (auteur van Howl And Other Poems) krijgt gestalte in de vorm van Carlo Marx en William S. Burroughs (schrijver van The Naked Lunch) komt voorbij als Old Bull Lee, een mooi rolletje van Viggo Mortensen.On the Road is prima geschikt voor de huidige generatie die evengoed op zoek is naar het leven.

